PAUL DE GRAUWE – NOG GROTERE ONDERNEMINGEN LEIDEN TOT MACHTSCONCENTRATIE – DE MORGEN

verschenen in De Morgen op 20 mei 2014

Na jaren stilte zijn grote bedrijven opnieuw het pad van de fusies opgegaan. Het farmaceutisch bedrijf Pfizer wil het Britse AstraZeneca opslorpen en is bereid daarvoor meer dan 100 miljard te betalen. Een astronomisch bedrag. Ook in andere landen roert het. General Electric heeft haar voornemen bekendgemaakt om het Franse Alstom over te nemen. In de VS maakt At&T zich klaar om een Directv op te kopen. Het gaat telkens om deals van tientallen miljarden. Het lijkt erop dat we opnieuw in de gouden fusiejaren van voor de crisis zijn terechtgekomen.

Dat lijkt allemaal goed nieuws. De crisis is voorbij. Het optimisme heerst opnieuw, vooral dan in de Angelsaksische landen. Dat is minder het geval op het Europese continent waar de dreiging van deflatie en bankzombies een domper legt op de conjuncturele heropleving.

Toch ben ik niet wild enthousiast over die trend. Megafusies hebben meestal geen economische fundering. Er worden wel altijd grote verhalen verteld over schaalvoordelen en synergieën. Ik sta daar sceptisch tegenover. Bedrijven zoals Pfizer en General Electric zijn al groot genoeg. Ze kunnen geen economische voordelen meer halen uit een nog grotere dimensie. Waarschijnlijk is het omgekeerde waar. Ze zijn nu zo groot dat ze minder efficiënt geleid worden. Het zijn mastodonten die minder gemakkelijk kunnen inspelen op de nieuwe tendensen en die zich minder gemakkelijk aanpassen aan veranderende marktomstandigheden.

Waarom blijven megabedrijven dan verbeten zoeken naar overnames en fusies als zo iets hen geen economisch voordeel biedt? Ik zie twee redenen. Een eerste reden is dat overnames en fusies de concurrentie afzwakken. En met minder concurrentie zijn de winsten groter. Dat is dus de fundamentele reden waarom grote bedrijven nog groter willen worden. De stille doelstelling van de grote bedrijven die steeds groter willen worden, is een monopoliepositie innemen die monopoliewinsten mogelijk maakt, ten koste van de consumenten die hogere prijzen betalen.

Een tweede reden van de dynamiek naar steeds grotere dimensie is egotripping van het topmanagement. Groot zijn geeft de CEO prestige en macht. Het topmanagement is bereid een hoge, dikwijls een veel te hoge, prijs te betalen om hoogmoed en machtswellust te kunnen botvieren. Er zijn hiervan talloze voorbeelden. In onze recente geschiedenis prijkt het geval Fortis hoog op de lijst van ondernemingen waarvan de top gedreven was door hoogmoed. Er was geen enkel economisch voordeel van de overname door Fortis van ABN-Amro. Ook kon die overname niet leiden tot monopoliewinsten. De drijfveer was uitsluitend egotripping. De top van Fortis hoopte door die overname te kunnen promoveren tot de hoogste divisie van de Europese bankwereld, met alles erop en eraan. Hogere bonussen en meer prestige voor het topmanagement. Meer politieke invloed ook.

De prijs van deze hoogmoed werd betaald door de aandeelhouders van Fortis. Die verloren het grootste deel van de waarde van hun aandeel. Dat is eigenlijk een heel algemeen fenomeen. Bij een overname is het meestal de aandeelhouder van het overnemende bedrijf die het gelag betaalt.

Fusies en overnames door bedrijven die reeds te groot zijn betekenen een gevaar voor de maatschappij. Het effect van die operaties is bijna altijd dat de nieuwe opgeblazen bedrijven veel macht verwerven. Ofwel een monopoliemacht die ten nadeel valt van de consumenten. Ofwel politieke macht die waarschijnlijk nog gevaarlijker is. Die macht zal direct of indirect uitgeoefend worden om de belangen van het bedrijf en haar topmanagement te vrijwaren.

De Europese Commissie heeft de verantwoordelijkheid toe te zien dat fusies en overnames niet tot een uitholling van de concurrentie zorgen in de Europese Unie. Dat is een goede zaak. De Europese Commissie heeft in het verleden bewezen dat ze op haar tanden kan bijten als het erop aankomt de concurrentie te vrijwaren (in het geval Microsoft bijvoorbeeld). Ze moet vandaag de nieuwe trend naar megafusies in de Europese Unie een halt toeroepen. We hebben echt geen nóg grotere ondernemingen nodig. Die hebben geen economisch voordeel. Ze zorgen wel voor te grote machtsconcentraties. En die leiden altijd tot corruptie.

Paul De Grauwe

 

white-space

Contact us